Zomervakantie - afterthoughts
Met de tent naar Frankrijk, Italië en Duitsland. Lange zomeravonden met wijn, Orangina, perfecte pizza’s, tig potjes pesten. Kortom, de vakantie was geweldig. Dit was er óók:
Met de tent naar Frankrijk, Italië en Duitsland. Lange zomeravonden met wijn, Orangina, perfecte pizza’s, tig potjes pesten. Bij regen knus binnen, samen onder een deken. Raften, mountainbiken, urenlang dammen bouwen in de beek, elke dag ijs en croissants. Afsluitend de mazzel van regenvrij de tent weer inpakken - klein geluk. Kortom, de vakantie was geweldig. Dit was er óók:
Geen tijd voor elkaar. Elk jaar weer verwacht ik zeeën van tijd en ruimte, alleen én met elkaar. Avond na avond diepe gesprekken voor de tent, samen (werk)plannen smeden en uitwerken. Daar komt dus precies... níks van terecht als je kinderen ook pas om 23.00u gaan slapen. En was de autorit van oudsher het beste moment voor een onderonsje, tegenwoordig bemoeit de achterbank zich overal mee. Overal oogjes, oortjes en venijnige scheetjes.
Weer geen verveling. Geen (sociale) verplichtingen, dus wie weet headspace voor Hopschrijfsels, verder schrijven aan een boek of er minstens vier lezen, jaaaa! Nope. Traditiegetrouw verliest verveling het van bordspelletjes, beachballen en hopen dat niemand m'n arbeidsintensieve kop koffie van het campingtafeltje maait. Me-time staat voor mij gelijk aan solo afwassen of de tent opruimen. Tijdens zo'n nuttige taak leeg ik mijn hoofd door ‘m vol te stouwen met nieuws over Harris vs Trump, my latest fetisj. Luisteren en doen, niet denken óf mezelf horen. ‘Zal ik helpen afdrogen? Hell no, wegwezen!’
Weg is daarmee ook het pedagogische voornemen om de jongens, heel organisch, verantwoordelijk te maken voor de afwas. Gemiste kans, maarja, mama needs her mini-breaks. Gelukkig hebben we die ene foto nog.

Voornemen: elke dag baantjes trekken en níet elke dag croissants eten. In praktijk: precies andersom - check.
‘Ik zít GVD in de vakantiemodus!’ sist een man net te hard tegen zijn vrouw - hij zeult met een berg afwas, zij met twee pannen, een ontevreden blik en een pinguinknuffel, in hun kielzog een huilend kind. Sjok-sjok-grom-grom, op weg naar de centrale afwasplek op de camping.
Ik kan een glimlach niet onderdrukken. Leedvermaak? Jazékerrr. Want: herkenbaar. Als ouder probeer je ‘t allemaal zo goed te doen. Maar juist op vakantie is de vraag om aandacht en opgewekte inzet vaak overweldigend, terwijl je nog moet herstellen van de overdrive die ervoor nodig was om überháupt op vakantie te kunnen. De eerste vakantieweek moet ik ‘onthaasten’, de tweede maak ik me alweer druk over de periode ná onze trip, want zes weken zomervakantie... is best lang. Zeker voor ouders die allebei werken, of er alleen voor staan, en niet beschikken over (bij)springende opa’s en oma’s.
Nu heb ik als schrijver nog de ‘luxe’ dat ik veel opdrachten vanuit huis kan doen, maar: dan moet ik wel écht leveren; met uitsluitend fysiek aanwezig zijn en op halve kracht aanfluimen, verdien ik geen knaak. Niemand, zou je denken, maar dat is een ander thema. En laat geconcentreerd schrijven zich nou net níet lekker combineren met rondrennende kinderen (en vriendjes). Alleen al tijdens dit kadertje heb ik ‘even het broodrooster gepakt, een voetbal gezocht, 27 vragen beantwoord en mezelf 'Omdat 10.00 u 's ochtends veel te vroeg is voor ijs!' horen zeggen.
Hoe dan ook: het blijft een uitdagende puzzel van wie-is-wanneer-thuis bij de kinderen en wie kan de kiet ontsnappen om gefocust te werken. Dat vooruitzicht veroorzaakt bij mij tijdens de 'echte' vakantie vaak al voor enige kortsluiting. En wat rijmt níet op piekeren en plannen? Juist: lekker in 't moment leven! Resultaat: een kort vakantielontje, terwijl ik juist zo zen wilde zijn. Opsteker: ik ben niet alleen. Meerdere vriendinnen appten in geuren en kleuren dat zij zichzelf ook tegenkwamen op vakantie en/of zaten opgescheept met - I quote: 'de slechtste versie van zichzelf'. Gedeelde smart, hou ik van.
Je suis... af en toe matig te pruimen. ‘Mam! Laat me nou ff!’ Stellig was het voornemen om deze vakantie een überrelaxte moeder te zijn, zo eentje die elke situatie open en positief benadert. Toch had ik minder geduld en meer commentaar (en vaker het laatste woord) dan gepland. Waarom zit ik constant overal met m'n tetter tussen? Tegelijkertijd: hoe kan het concept tandenpoetsen voor sommigen élke dag weer als een totale verrassing komen? En hoeveel moeite is het om je kletsnatte zwembroek níet op een stapel Duckies uit te trappen? Zucht.
'Denk eraan: tent dicht.' Jahaaaaa! Nee dus. Welkom meneer vos.

'Ik zie mijn kinderen amper deze vakantie, af en toe komen ze terug voor een broodje en hup, weg zijn ze – ik heb al drie boeken gelezen!’ vertelt een campingbuur euforisch.
Oh mijn god, hoe heerlijk, denk ik, kijkend naar mijn boek dat inmiddels (ongelezen) fungeert als knikkerschans. Kleefden die van mij maar wat minder aan ons. Dat meen ik - maar... ook weer niet, want ik hóu van dat gekleef. Vanaf volgend jaar vinden de jongens ándere campinggasten vast interessanter en tellen wij niet meer mee. “Rummicup met mama? HAHAHAHA.” Slik, ik ben er nog niet aan toe.
Dit dubbele gevoel van eigenlijk iets meer ruimte voor mezelf nodig hebben, maar het niet kunnen (of wíllen) pakken voel ik dagelijks, maar zeker op vakantie, als ik 24/7 met mijn neus op gezin, feiten, mijn geluk, angsten én gebreken word geduwd. Overbewust van het feit dat deze tijd niet meer terugkomt, raak ik soms in paniek, met als gevolg dat ik zelf de sfeer verziek met een onredelijke snauw. Dan zou het verstandig zijn om me even af te splitsen, maar... dat doe ik dus niet, uit angst om iets te missen! Oftewel: ik geniet zo krampachtig van elke seconde dat ik de boel bijna verstik. Tadaaa... mijn vicieuze Familie-FOMO-cirkel.
Allemaal luxeleed natuurlijk, want in feite wordt het dagelijkse vakantiegesodemieter dus deels gedreven door een onderliggend geluksgevoel: ik ben met de mensen met wie ik het liefst wil zijn. Of dat nog wederzijds is, vraag ik thuis wel, zodra ik Luuk weer eens spreek.

Oja, Anne Mar - trouw lezer van Hopschrijfsels - haakt ook graag nog even in op een eerder HOP-thema: slaap je links... of rechts?
'Ik heb zéker een vaste kant in bed. No matter what. Ook op vakantie. Waar de deur naar de wc ook zit. I don’t care. Ik wil op m’n rechterzij slapen zonder in het gezicht/adem/gesnurk van m’n man te belanden. Klinkt dat erg onromantisch? Het is wat het is.'